Wilfred Kols is auteur van het boek “Stem van duisternis, stem van licht”. De eerste 2000 boeken gingen de afgelopen weken er dan ook snel er door heen. Ook Hart van Nederland maakte een uitgebreide reportage over zijn werk. Sinds zijn boek enkele weken geleden is uitgekomen is het toe aan een tweede herdruk. In dit artikel besteden we aandacht aan het onvoorstelbare levensverhaal van deze Molukse pastoor en hulpverlener. 

Hieronder enkele korte stukken uit zijn boek die uit 27 Hoofdstukken bestaat. Tifa Magazine kreeg het privilege om dit te mogen publiceren. 

Als Wilfred Kols op een vrijdagavond in 1988 in een discotheek in Den Bosch voor het eerst een lijntje coke snuift is hij verkocht, die deels opgroeide in Culemborg en voormalig kamp Vught, ingrijpend. Als hij zijn baan kwijtraakt gaat hij op zoek naar illegale manieren om zijn drugsgebruik te bekostigen. Al snel verandert de levensstijl van de Molukse voetballer en portier. Wilfred groeit uit tot een gevreesde junkiecrimineel. Hij wordt gezocht door politie en justitie, maar weet keer op keer te ontduiken. Tot zijn vriendin een hartstilstand krijgt en hij 112 belt…

Na vijftien jaar drugsgebruik en criminele delicten wordt Wilfred in 2003 gearresteerd. In de isoleercel komt met de afkickverschijnselen ook de bezinning. In het donkerste uur van die nacht wordt er op het luik van de isoleercel geklopt. Een bewaker vraagt of hij misschien iets wil lezen…

Het Einde (Hoofdstuk 1)

De dubbele deur viel met een luide klik achter mij dicht. Ik keek verward om me heen. Ik bevond me in een kleine kamer van zo’n vier bij vier meter. Het rook er muf. Aan de linkerkant zag ik een klein wastafeltje met metalen toilet. Op het wastafeltje lag een gebruikte toiletrol. De muren waren bekrast met namen en teksten. ‘Ik heb 3 x 30 dagen gekregen’, kraste een zekere Robin. Daaronder stond: ‘Ik 70 dagen, Jimmy’. Evert noteerde alleen een naam en datum: ‘juli 2003’. Op de muur ertegenover hadden de gedetineerden de namen van hun favoriete voetbalclub gekrast: ‘Ajax’, ‘Feyenoord’, ‘De Graafschap’. Het enige wat zich verder in de kamer bevond, was een lichtbruine rubberen matras. Aan het plafond hing een camera die recht op het matras was gericht. ‘Hé, jullie, wat gaat er met me gebeuren?’ schreeuwde ik. ‘Dat hoor je nog wel,’ riep een bewaker. Ik bevond me in de gevangenis van Doetinchem. We hadden die nacht voor mijn gevoel urenlang in de grauwe regen gereden totdat we in de Achterhoek voor de zwaar beveiligde gevangenis De Kruisberg stonden. De chauffeur sprak in een intercom. Een eerste hek schoof open. We reden naar binnen en stonden stil voor een tweede hek. Nadat de eerste poort was gesloten, werd het tweede hek geopend.

Wij zijn Geboren Strijders (Hoofdstuk 3)

Ik kom uit een geslacht van KNIL-soldaten. Mijn beide opa’s en mijn vader hielpen de Nederlanders om hun kolonie Nederlands Indië te beschermen. Tijdens de bloedige onafhankelijkheidsstrijd onder leiding van Soekarno vochten ze zij aan zij met Nederlandse soldaten. Het was een verloren strijd, die mijn opa en mijn vader uiteindelijk aan de andere kant van de wereld in Kamp Vught deed terechtkomen. Om dat te kunnen begrijpen, moet ik iets over de geschiedenis van mijn volk vertellen. De Molukkers zijn een strijdersvolk, af komstig van de Molukken. Dit gebied was gewild bij koloniale machten omdat dit lange tijd de enige plek was waar kruidnagel- en nootmuskaatbomen groeiden. Het christendom vond in dit gebied veel aanhang. Ambon was één van de eerste eilanden in Indonesië dat door Nederland werd gekoloniseerd. Daar komt mijn familie vandaan. De helft van de bevolking was protestants, en zij waren vooral degenen die geselecteerd werden voor het Koninklijk Nederlands-Indisch Leger (KNIL). De Molukkers stonden bekend als betrouwbare, loyale soldaten.

Aan het eind van de bijeenkomst stond een ware rij te wachten om een gesigneerd exemplaar van de auteur in ontvangst te nemen

Wilfred samen op de foto met Angelo Manuhutu die ook aanwezig was op zijn boekpresentatie afgelopen donderdag

God houdt ook van hen (Hoofdstuk 25)

Jack keek me aan. Zijn gezicht was opgezwollen door de medicijnen. ‘Het kan ieder moment afgelopen zijn met me,’ zei hij. ‘Mijn vrouw en kinderen…’ Hij stopte. Zijn vrouw schonk koffie in. Haar gezicht was wit weggetrokken. Dit waren mensen die hun hele leven hard hadden gewerkt en samen een leven hadden opgebouwd. Nu hadden ze dit definitieve bericht ontvangen. Wat kon ik in zo’n situatie zeggen? Jack gaf zelf een voorzet. ‘Pastor,’ zei hij, ‘ik vind het een eer dat je bent gekomen, samen met de Pres4 en de andere leiders.’ Ineens wist ik wat ik wilde zeggen. ‘Jack, weet je, allereerst wil ik je zeggen dat ik het erg vind om dit te horen. Ook voor je vrouw en kinderen.’ Ik nam even een pauze. ‘Je zegt dat je niet lang te leven hebt. Weet je waar je hierna terechtkomt?’ Jack keek me verbaasd aan. ‘Maar ik ga toch dood?’ ‘Dat klopt, maar vandaag kun je kiezen of je naar de hemel gaat of naar de hel.’ Het werd zo mogelijk nog stiller in de kamer. Jacks vrouw keek me met grote ogen aan.

Het gevangeniseiland (Hoofdstuk 26)

Net voor de kerst reisde ik naar het eiland Nusa Kambangan, in de Indische Oceaan. De reis duurde twee dagen maar ik had het ervoor over. In de streng beveiligde gevangenis op het eiland zitten negen mannen vast die tijdens een bezoek van de Indonesische president aan Ambon de Molukse vlag uitrolden en ermee zwaaiden. Ze kregen allen vijftien jaar of meer. Voor mij waren dit inspirerende politieke leiders die ik persoonlijk wilde ontmoeten en bemoedigen samen met alle anderen. Het waren de Nederlanders die Nusa Kambangan tijdens de koloniale tijd tot een gevangeniseiland uitriepen. In de jaren twintig van de vorige eeuw bouwde Nederland hier een gevangenis om criminelen en politieke dissidenten naartoe te verbannen. De gevangenis werd ooit als de strengste penitentiaire inrichting van Zuidoost-Azië beschouwd. De gevangenis staat nu bekend als het ‘Alcatraz van Indonesië’. Dit is de plek waar politieke gevangenen, veroordeelde 196 moordenaars, terroristen, drugshandelaren en degenen die veroordeeld zijn in spraakmakende corruptiezaken terechtkomen. Ze leven hier volledig afgezonderd van de buitenwereld, en zijn volledig afhankelijk van hun bewakers. Het was een lange reis naar Nusa Kambangan. We namen eerst de trein naar Jakarta, en daarvandaan naar Cilacap. Hier kochten we artikelen voor zestig kerstpakketten. Behalve bijbels, tandenborstels, tandpasta, handdoeken en douchegel sloegen we flessen water, bamisoepjes en wat lekkernijen in. We pakten de taxi naar de kleine haven om daar de boot te pakken richting het eiland. Op het eiland stond een speciaal busje voor ons klaar. De gevangenis was omgeven door een hoge bakstenen muur. Het zag er ondoordringbaar uit. Het busje reed door de houten poort en stond stil voor een hek van prikkeldraad. Nadat het hek was geopend, kwamen we tot stilstand voor een stalen deur. De deur zwaaide langzaam open. Een forsgebouwde bewaker gebaarde naar zijn collega’s, die ons grondig fouilleerden. Daarna werden we bij twee detectiepoorten gecontroleerd. Eindelijk mochten we doorlopen. We kwamen op een binnenplein terecht. De gedetineerden stonden in groepjes te praten en te roken. De zon scheen fel; het was vroeg in de ochtend maar ik schatte dat het al tegen de 40 graden was. Een groepje gevangenen liep ons tegemoet. Ik zag dat ze Molukker waren. ‘Pastor Wilfred, sudah sampe?’ vroeg Johan T, één van de leiders, ‘bent u goed aangekomen?’ Ik omhelsde hem. Het was heerlijk om hen in mijn eigen taal te kunnen antwoorden. De mannen kwamen om me heen staan. Ik voelde me beschermd…………

Wilfred Kols samen met Johan Teterissa en andere Molukse Politieke Gevangenen

Op LAPAS Ambon waar Wilfred mocht spreken tijdens een kerstdienst met gedetineerden en genodigden van o.a. de overheid en kerken

Uitgever Gerhard Rijksen van Uitgeverij Gideon: ‘We zijn bij Gideon ongelooflijk dankbaar dat het boek van Wilfred, Stem van duisternis, stem van licht, binnen twee maanden na verschijnen al aan een herdruk toe is.

Bekijk ook de uitzending over Wilfred Kols van Hart van Nederland op SBS6. Klik hier!

Reacties