Op maandag 23 mei jl. hield de vaste commissie voor Buitenlandse Zaken een rondetafelgesprek over de uitkomsten van het onderzoeksprogramma ‘Dekolonisatie, onafhankelijkheid, geweld en oorlog in Indonesië, 1945-1950’. ,,Alsof het hebzucht was om de kolonie te behouden en het totaal overbodig was om de hele bevolking te beschermen tegen de hysterische massa’s”, zo luidt een quote in een opinie van De Telegraaf.

De uitkomsten van het onderzoek dat de Tweede Kamer maandag besprak (deel een, twee en drie) was deels besloten, zo meldt de Tweede Kamer op hun website. Met genodigden als de ambassadeur van Indonesië, maar ook de Indonesische historicus Bonnie Triyana en vertegenwoordigers van de Raad van Bestuur Nationaal Comité 4 en 5 mei, Stichting Nationale Herdenking 15 augustus 1945 en Nederlands Instituut voor Militaire Historie etc.

Op maandag 30 mei volgt het vierde deel van het gesprek. Met o.a. genodigden als Rocky Tuhuteru, directeur Stichting Pelita en politica Grace Tanamal, vertegenwoordiger van de Landelijke Stichting Molukse Ouderen en het Moluks Historisch Museum.

‘Verschijnselen van dekolonisatie’

De Ierse historicus Paul Doolan stelt dat Nederlandse historici lang hebben verzaakt met het beschrijven van de oorlog in Indonesië (1945-1950). Daardoor hebben ze sterk bijgedragen aan het ‘ont-herinneren’ van die oorlog en zeker van de ergste aspecten daarvan, zoals extreem geweld en oorlogsmisdaden.

De online geschiedenis magazine Historiek schrijft: Doolan gebruikt bij dat alles een niet alledaagse term: ‘un-remembering’, ont-herinneren. Het ging er namelijk niet om, betoogt hij, dat de Indonesië-oorlog na de soevereiniteitsoverdracht was vergeten. Vergeten is iets dat een individu of een samenleving overkomt. Ont-herinneren is het opzettelijk wegdrukken van de herinnering aan iets waaraan individu of samenleving niet meer herinnerd wil worden. In dit geval: een verloren oorlog, een heftige koloniale nabrander die tot weinig trots aanleiding gaf. Dat laatste – weinig aanleiding voor trots – had op zichzelf ook weer gevolgen. Zo agendeerden Molukse jongeren met enkele gijzelingen en kapingen op gewelddadige wijze de manier waarop hun voor Nederland strijdende vaders waren afgedankt. Doolan noemt het ‘niet simpelweg terroristische acties’, maar ‘verschijnselen van dekolonisatie’.

Lees verder op de website van Historiek.

Reacties